De Antwerpse Nederlander Johan Clement is waarschijnlijk de enige pianist die én over de muzikale bagage/techniek , én over de juiste passie en instelling beschikt om de virtuoze en swingende Oscar Peterson neer te zetten.
Wat spreekt Johan Clement zo in Oscar Peterson aan? 'Eigenlijk alles,' bekent hij. 'Het technische aspect, maar ook harmonisch en de manier waarop. Je kunt altijd horen dat het Peterson is door zijn timing, zijn toucher. Die man heeft zulke grote handen! Hij speelde met een gemak bepaalde afstanden en hij was ontzettend goed in alleen spelen op de piano. Tegenwoordig kan bijna geen pianist dat meer. Dat stride spelen, heel snel, dat is een vak apart. Als je hem vroeger hoorde spelen, had je zoiets van: "Dit bestaat niet." Want het klonk of ie drie of vier handen had. Zijn aanslag op de piano heeft trouwens ook te maken met het instrument; hij speelt de laatste jaren alleen nog maar op Bösendorfer. In 1982 ben ik voor het eerste live naar Peterson gaan luisteren op het North Sea Jazz Festival. In mijn ogen was hij toen nog een fantastische pianist, een pianoleeuw. Het liep nog als een trein. Nadat hij een beroerte heeft gehad, is het minder geworden, is hij ook een stukje van zijn coördinatie kwijt. Maar dat neemt niet weg dat Oscar Peterson een geweldenaar is geweest. Heel belangrijk voor de jazzmuziek.' Oscar Peterson zou alleen maar swingen hoor ik als kritiek. Haha! Mensen die dat zeggen, begrijpen er dus helemaal niets van. Ze bedoelen waarschijnlijk dat het voorspelbaar is, omdat hij in de jazztraditie speelt. Dat lijkt minder avontuurlijk, maar het wil niet zeggen dat het minder goed is. Oscar Peterson speelt natuurlijk ook heel toegankelijke jazz, melodieus. Je wordt er een beetje blij van.' U ontdekt de muzeik van Oscar Peterson door Johan Clement op de CD On Request

|